Doorzoek de gemeenschap

Toont resultaten voor tags 'wezens'.



Meer zoekopties

  • Zoeken op tags

    Voer tags gescheiden door een komma in.
  • Zoek op auteur

Soort bijdrage


Forums

  • Mededelingen
  • Aanbiedingen
  • Community
    • Beginnende psychonauten
    • Algemene discussies
    • Microdoseren
    • Trip reports
    • Geestverruimende middelen
    • Set & setting
    • Vragen
    • Recepten
    • Onzin
  • Media
    • TV & video
    • Muziek
    • Websites
    • Films
  • Overige
    • Nieuws
    • Feedback

Vind resultaten in...

Vind resultaten die...


Datum aangemaakt

  • Start

    Einde


Laatst bijgewerkt

  • Start

    Einde


Filter op aantal...

Geregistreerd

  • Start

    Einde


Groep


Locatie


Interesses

2 resultaten gevonden

  1. Korte schets van de situatie: 6,5 uur niets meer gegeten en 's avonds 15 gram Atlantis opgegeten, alleen in mijn kamer. Harvested door aliens Na een paar potjes Magic: Duels te spelen op de PC en te merken dat het aan de verliezende hand zijn me toch niet super vrolijk stemt, besluit ik maar weer eens lekker op bed te liggen, mijn ogen te sluiten en mijn eigen innerlijke wereld weer eens in te duiken. Op de achtergrond speelt prachtige muziek en ik zie al vaag closed eyes visuals. Het duurt niet lang of ik ben weer compleet tot rust. Ik voel en zie (met mijn ogen dicht) spirituele wezens uit een andere dimensie over mijn gezicht krioelen, als een soort van psychedelische insecten maar dan zonder daadwerkelijk fysiek contact. Het voelt alsof ik 'geharvest' wordt, het is duidelijk dat deze wezens iets met mij van plan zijn, dat ze aanpassingen in mij maken of iets uit mij halen (of juist in mij stoppen). Ik voel me wel goed eigenlijk en heb hier geen bezwaar tegen, deze wezens zijn zoveel intelligenter dan ik, zij zullen wel weten wat ze aan het doen zijn. Ik moet denken aan aliens die ons als wormen zouden zien. Hoe wij als mens omgaan met dieren die wij minder intelligent dan ons achten. Niet iedereen natuurlijk, maar toch wel de grote meerderheid. Deze wezens die nu met mij bezig zijn maken verder geen contact met mij, althans ze communiceren niet met mij, wel onderling maar ik begrijp ze niet. Ze lijken compleet op te gaan in hun taak en wekken de indruk dat dit de normaalste zaak van de wereld is en dat ze dit regelmatig doen. 'Hoe fucked up ben ik dat ik dit toelaat? Dat ik dit normaal vind?' denk ik. 'Dat mijn zondagavond bestaat uit gefacefucked worden door aliens uit een andere dimensie? Wat is er toch allemaal met mij gebeurt sinds ik in aanraking ben gekomen met truffels.' Het zijn geen verwijten die ik mezelf maak, ik vind het eigenlijk juist wel heel amusant. Na een tijdje is het toch tijd om op te staan en even naar de WC te lopen. Zoals altijd is dit interessant, dit kleine witte hokje. Maar anders dan normaal blijf ik hier nu veel langer. Ik druk mijn handen tegen de muur om te kijken hoe dat voelt, doe van alles, bestudeer van alles, het is allemaal zo interessant. Ik zie overal patronen. Leven is zo apart. Ik moet hier vaker bij stilstaan als ik nuchter ben, dat wil ik al heel lang maar het lukt nooit helemaal... Ik loop weer terug mijn kamer in, ga op de grond zitten, gehurkt. Dan ga ik liggen, neem rare posities in. Op een gegeven moment lig ik met mijn rug op de grond en bevind mijn hoofd zich onder een stoel. Volgens mij heb ik nog nooit onder een stoel gelegen in mijn kamer. Zoveel ruimte die nooit gebruikt wordt... Als kind zoek je die ruimtes juist op, nu is er totaal geen reden meer voor, wat een zonde. Pleidooi tegen porno Op een gegeven moment moet ik aan porno denken. Al een aantal weken of zelfs een paar maanden probeer ik redenen te verzinnen waarom ik hier compleet mee moet stoppen. Ik kijk het niet vaak, maar toch wel een (of een paar) keer in de zoveel tijd. Maar wat ik ook verzin, het is nooit krachtig genoeg om er daadwerkelijk mee te stoppen. Dus had ik het feit dat ik het al niet zo vaak kijk maar geaccepteerd - wie doe ik er nu echt kwaad mee? Ik had wel theorieën over dat zolang mensen dit kijken, de wereld een plaats zal blijven waar seksueel geweld, objectificatie en een algehele focus op lust normaal en veelvoorkomend zijn. Dit idee was geïnspireerd door een bepaalde religieuze stroming waar ik ooit van hoorde - waar een bepaald aantal mensen ter wereld (ik geloof iets van 13 of 36?) de staat van de wereld bepalen. Leven zij goed, dan zal de wereld goed zijn. Leven zij slecht, dan zal de wereld slecht zijn. Etc. Ja een of andere vage religieuze theorie waar ik ooit een keer van gehoord heb en eigenlijk niet echt in geloof, dat zal mij wel overtuigen om van porno af te blijven... Maar goed, ik moest dus aan porno denken. Zoals zo vaak onder invloed van truffels, kon dit heerlijk zonder mentale labels, zonder oordelen. Nouja, in eerste instantie. Want ik bedacht me hoe misselijkmakend en fout het eigenlijk is. Mensen die elkaar niet kennen en dan 'de daad' performen. Niet omdat ze het willen, niet omdat ze er zin in hebben, maar om simpelweg geld te verdienen (in de meeste gevallen). En ik, iemand die geen van die personen ken of ooit zal tegenkomen, kijk hier dan naar, om zelf gestimuleerd te worden. Ik ken deze mensen niet en zij mij niet, en ik kijk, puur om mijn eigen lusten te bevredigen naar hen in hun meest kwetsbare toestand. Kijk toe hoe geld tot perverse handelingen aanzet - handelingen waar zeer waarschijnlijk later in berouw op teruggekeken zal worden. Dit zijn goddelijke wezens gereduceerd tot onvrije beesten. Zoiets wil ik toch niet steunen, mij schuldig aan maken? De waarheid werd mij volledig duidelijk en ik schaamde me dat ik er al zo lang gebruik van heb gemaakt. Dit is niet hoe het zou horen. En met dat, realiseerde ik mij dat moment, hadden truffels mij van deze gecorrumpeerde toestand bevrijd. Waar al mijn eigen ideeën en initiatieven om er mee te stoppen mij nooit volledig hebben overgehaald, gebeurde het nu in één keer, zonder dat ik er bewust over na wilde denken. Het verscheen opeens in mijn gedachten. Truffels tonen je zo veel dingen, maar als je de waarheid getoond wordt, dan herken je die direct. Sterker dan alles wat ik in mijn normale leven voor waar aanhoudt. Natuurlijk is er weinig mis met seks zelf - sterker nog dit kan juist ontzettend mooi zijn. En zelfs als het puur lust is kan het een plaats hebben. Maar dan moet het wel van beide kanten komen en niet om een reden als het verwerven van kapitaal worden gedaan. Als er geen geld aan verdient zou worden en iedereen zou puur in vrijheid leven, hoeveel porno zou er dan nog worden gepubliceerd? Een aantal maanden terug heb ik ook een documentaire gekeken over dit onderwerp 'Hot Girls Wanted', zeker een aanrader om de andere kant van de porno-industrie te zien. De teleurstellende realiteit De rest van de trip denk ik vooral na over opkomende verplichtingen. Het is fijn dat de trip me goed laat voelen en dat tijd veel langzamer gaat dan normaal, maar spirituele ervaringen heb ik er verder niet echt aan over gehouden. Vlak voor het slapen gaan bedacht ik me of we in de opvoeding niet al belemmerd worden in onze vrijheid. Zijn wezens van nature juist niet veel beter dan de hokjes waar ze worden ingeduwd door cultuur en opvoeding? Als kind had ik veel meer zorgen, lijkt het, daarom geniet ik nu juist extra van de vrijheid die het volwassen zijn met zich meebrengt. En dat terwijl je als kind nog minder gecorrumpeerd bent...is dat niet ontzettend zonde? Ik herinner me dat ik vaak dingen moest doen waar ik helemaal geen zin in had, dan moeten we weer daarheen, dan gingen we weer daarheen... Nu hoef ik nergens meer heen, in principe, want ik ben volwassen en ik ben 'druk met andere dingen'. Vlak voor het slapen gaan poets ik mijn tanden en dan realiseer ik mij de andere kant van het verhaal: zonder opvoeding zou tandenpoetsen er waarschijnlijk ook niet bij zijn... Zou je als kind veel ongezonder eten. Oké misschien dan toch niet volle vrijheid, maar zoals altijd een balans. Als er iets overduidelijk is, is het wel dat mensen bijzondere wezens zijn, dat wezens in het algemeen bijzonder zijn - dat al het leven bijzonder is. Dat bewustzijn iets oneindig fascinerends is. En toch lijkt de realiteit dit te ontkennen, open een krant, log uit op hotmail en wordt automatisch doorverwezen naar msn.nl, log in op Facebook en zie wat er allemaal gepost en geliked wordt... Er wordt zoveel tijd en energie gestoken in zulke triviale aardse zaken... Gesprekken blijven vaak hangen in alledaagse dingen of als er dan toch enigszins de diepte in wordt gegaan blijft het vaak bij clichés. Ik probeer zoveel mogelijk echt de diepte in te duiken, naar de daadwerkelijk interessante aspecten van het bestaan en dit lukt dankzij anderen soms best aardig. Maar het feit blijft dat het bij de meerderheid die ik dagelijks tegenkom nooit de diepste diepte in zal gaan. Niet dat daar per se iets mis mee is, maar ergens is het ontzettend zonde. De innerlijke goden worden onderdrukt, in plaats van onsterfelijke wezens zijn we 'personen' met een bepaald 'karakter'. Wie ben ik? Mijn lichaam, mijn hersenen. In ieder geval niet die onsterfelijke ziel, die entiteit van bewustzijn. Gelukkig ben ik dankzij truffels van dit reductionistische idee bevrijd. Sinds mijn trips zie ik de natuur in nuchtere toestand onomstotelijk anders - mooier, beter gedefinieerd, meer zoals tijdens trips. De overgrote meerderheid van de mensheid lijkt dit te ontgaan. Toegegeven, mij ontging dit eerder veelal ook, ook al vond ik de natuur altijd al mooi. Maar nu is het krankzinnig en moet ik vaak mijn lachen inhouden of even checken of ik niet aan het dromen ben als ik zie dat zulke prachtige, onsterfelijke natuur midden in een stad te vinden is en door duizenden mensen elke dag onopgemerkt gepasseerd wordt. Leef ik in een fantasiewereld? Is het leven van zoveel mensen nou echt zo saai? Probeer ik hier koste wat het koste gewoon van te ontsnappen, is dit een poging van mijn ego om een beetje betekenis aan mijn leven te geven, om mij beter te voelen dan anderen? Ik denk het niet, ik denk dat de tripwerkelijkheid de echte werkelijkheid laat zien. En toch, ondanks dat ik hier steeds meer van overtuigd ben, blijf ik gevangen in dit alledaagse bestaan, met alledaagse taken en bezigheden. Vaak zelfs met alledaagse gedachten en gesprekken. Wanneer doorbreek ik dit nou echt, behalve af en toe in bijzondere ervaringen, echt goede gesprekken of tijdens het trippen? In feite keten ik mijn ware zelf door maar mee te doen met de rest, als een onverschillige en onbelangrijke slaaf, het zoveelste rad in een molen. Het leven kan zo mooi zijn, het leven is zelfs heel mooi. Maar door maar mee te blijven doen aan de illusie die de samenleving gecreëerd heeft zal ik nooit volledig vrij zijn, nooit volledig vrij leven, leven compleet zoals ik dit zou willen. De stap is voor mij misschien nu nog te groot, ik ben nog te gehecht aan de (valse) zekerheid die deze illusie schept. Wanneer zal ik starten met écht leven? Wanneer de tijd rijp is, hoop ik. En terwijl ik dit type zie ik vanuit mijn raam de lichtjes van lantaarns reflecteren in het kanaal, golvend gaan ze op en neer, pure harmonie. De tripwerkelijkheid is er, altijd en overal.
  2. Wie: Mijn broertje B en ik, dit zou voor ons beiden de vijfde trip worden Wat: Allebei 15 gram Atlantis (Fruits of Utopia) Waar: Kamer (studentenhuis), buiten (brug, kanaal, natuur) Disclaimer: Zelfs voor mijn standaarden is dit een erg lang tripreport. B en ik hadden allebei ongeveer een week eerder getript, los van elkaar. Allebei hadden we een niet heel heftige trip en we hadden het verlangen om snel weer te trippen en dit keer een stuk sterker. Voor mij waren er slechts 6 dagen voorbijgegaan sinds mijn laatste trip. Meteen een mooi experiment dus om te zien hoe het zit met resistentie. Mijn pakje Atlantis was niet helemaal vacuüm meer, er was wat vocht ontstaan in het zakje en het lag inmiddels zo'n 3 weken in de koelkast. Het pakje Atlantis van B was vandaag bezorgd maar ook hier was al wat vocht vrijgekomen in het zakje, ondanks dat deze direct na ontvangst in de koelkast is gelegd. Ik heb die dag 2 broodjes gegeten en daarna 7,5 uur niet meer gegeten. De ochtend vóór de trip was ik erg verkouden toen ik wakker werd, maar na het opstaan was dit eigenlijk alleen nog maar op de achtergrond aanwezig en had ik er niet echt last van gedurende de dag. 0. We begonnen te eten, voor B was dit de eerste keer Atlantis. Hij vond de smaak best meevallen, ik vond vooral de nasmaak erg ranzig. Grappig hoe het elke keer weer anders is, de eerste keer vond ik Atlantis erg goed te eten, daarna ronduit smerig, nu was het een mix. Maar de nasmaak bleef wel lang hangen en dit vond ik niet prettig. B had zijn zakje eerder op dan ik en lag op het bed te chillen. Na ongeveer een kwartier begon ik mij misselijk te voelen en hoofdpijn te krijgen, mooi, dit was een goed teken, de truffels worden opgenomen in mijn lichaam. Ik nam twee glazen water en dit hielp een beetje tegen de hoofdpijn. Het was kwart voor zeven en het was nog licht buiten. Ik stelde voor om direct naar buiten te gaan, we hadden al onze schoenen en jas aangedaan en de belangrijke spullen (sleutels, mobiel) meegenomen. Ik zat nog in mijn stoel te wachten tot de effecten zouden optreden toen ik op het TV scherm opeens de lichtjes in een stilstaand plaatje zag bewegen. Ook de muziek ervoer ik opeens anders. De trip is voor mij officieel begonnen. De afbeelding waar de trip mee begon. 1. Twintig minuten na inname liepen we naar buiten en ik merkte al heel goed dat Atlantis heeft toegeslagen. De bomen en kleuren waren weer prachtig op die karakteristieke manier zoals Atlantis de buitenwereld vervormt. Het is elke keer precies hetzelfde, maar ik kan er nooit genoeg van krijgen. Wat fijn dat hoewel elke trip weer compleet anders is, dít in ieder geval constant is, dat de tripwereld altijd zó mooi is, elke keer weer. Mooier dan dit kan eigenlijk niet. B ziet nog weinig anders. We lopen verder, het weer is miezerig maar wat is alles toch mooi. Ik vertel B dat ik een boek aan het lezen ben van Aldoux Huxley, The doors of perception, waarin hij zijn ervaring met mescaline beschrijft. Zijn beschrijving komt sterk overeen met een aantal dingen die ik tijdens truffel-trips heb ervaren. In dit boek claimt Huxley dat de reden dat we normaal gesproken de wereld niet zo mooi, gedetailleerd en kleurrijk zien is omdat het niets toevoegt aan ons overleven, vanuit een evolutionair oogpunt is het zinloos om hier extra energie aan te verspillen. Ik bedacht mij het volgende: tijdens een trip krijg je wel dit zicht en andere mooie vaardigheden, maar dit gaat ten koste van andere vaardigheden waar je in het dagelijks leven veel aan hebt, die belangrijk(er) zijn om te overleven. Simpele taken uit je nuchtere bestaan worden opeens heel lastig tijdens een trip en vaak voel ik tijdens een trip veel bewondering voor mezelf (en anderen) dat dit ons normaal gesproken zo goed en makkelijk afgaat. Ik vond het een interessante theorie en vroeg mij af of dit echt zo zou kunnen zijn. Ergens zou het zonde zijn, het is niet bepaald een spiritueel uitgangspunt, maar ik vind het wel een mooie verklaring die wat mij betreft in het wetenschappelijk wereldbeeld past. De mooie natuur op het pad dat wij bewandeld hebben naar de brug (foto's op een later moment genomen) 2. We staan op een brug en kijken uit over het kanaal, met aan beide zijden bomen. Wat prachtig dit. B ziet nog steeds niet veel bijzonders. Zou het puur mijn verbeelding zijn? Is het puur persoonlijk en is het simpelweg hoe mijn lichaam reageert op Atlantis, elke keer weer? Voordat ik met truffels begon had ik al veel waardering voor de natuur en zag ik al grote schoonheid in deze omgeving, maar tijdens een trip is dit nog veel sterker. Zou het kunnen dat het compleet persoons-gebonden is en dat de constante die ik dacht te hebben gevonden in Atlantis niet universeel maar puur persoonlijk is? Het zou mij zo raar lijken dat ik dan telkens hetzelfde ervaar, terwijl mijn gedachten natuurlijk telkens anders zijn. Speelt het dan misschien niet in op gedachten, maar op je bewustzijn? Dat wat jou jou maakt en onafhankelijk is van gedachten en persoonlijkheid, jouw onveranderlijke kern-essentie? De ziel als het ware? B zegt dat het misschien gewoon komt omdat zijn trip nog niet begonnen is, er is ten slotte ook nog geen uur voorbij. Fietsers en auto's rijden op deze brug, de fietsers gaan zo langzaam, alles lijkt vertraagd en ik voel mij een soort buitenstaander. B en ik staan hier als toeschouwers terwijl de rest van de wereld gewoon doorleeft. Zij zullen wel denken, waarom staan die twee jongens hier de hele tijd, is het echt zo mooi dit kanaal? Een man die een hond uitlaat loopt in onze richting. Het is grappig want hoewel hij loopt lijkt hij geen steek dichter bij te komen. Elke keer als ik mij van dit beeld afwend en weer terugkijk bevindt hij zich nog steeds op dezelfde plek, ook al blijft hij in beweging. Uiteindelijk passeert hij ons dan toch, hij kijkt ons op een vreemde manier aan en ik vind hem een beetje eng, een soort van cipier van de onderwereld met een grote waakhond die voor hem uit loopt. B voelt zich wel al anders merk ik, maar ziet nog niet die grote schoonheid die ik hier zie. Hij heeft het over het water en ziet hier vormen in. Ja het water is ook mooi, maar waarom zou je daar naar kijken als de natuur er om heen zoveel mooier is? B lijkt licht in een trip te zitten, blijkbaar is het dus toch persoonsgebonden wat Atlantis met je doet, of hij zit nog niet diep genoeg in de trip. Het water is ook wel heel bijzonder moet ik toegeven, het is één groot geheel. Prachtig hoe al die kleine rimpelingen op het oppervlak allemaal één object vormen en samen het kanaal maken. Net als met ons menselijk lichaam denk ik. De intelligentie die hier achter zit en zorgt dat het allemaal werkt is zo ingenieus dat het nauwelijks te bevatten is. 3. B zelf ziet er gek uit, zijn gezicht is constant aan het vervormen, net als de natuur die steeds trillende bewegingen maakt. Zijn ogen zijn ook raar, een soort van grote zwarte insecten-ogen die ik herken bij mezelf als ik aan het trippen ben en in de spiegel kijk. Ik zie er normaal uit volgens B. B zegt dat het apart is wat hij ziet, dat er een overgang is, een overloop in beschaving. We wisselen van plaats en nu zie ik het ook. Het is heel apart, B staat precies in het midden van mijn gezichtsveld, links zie ik de natuur, het kanaal en de bomen. Rechts zie ik de weg, de vangrails, de lantaarns en auto's, het verkeer, de beschaving. En B staat er midden in, midden tussen twee werelden. Hoe bijzonder! "Moet je kijken!" zeg ik en ik wissel weer van plaats met B en leg uit wat ik zag. Dan realiseer ik mij dat we niet van plaats hoefden te wisselen, het enige verschil is dat links nu rechts is, haha. Toch was dit beeld een stuk sterker met de natuur links, de overgang leek vloeiender. Ik zou hier nog wel een tijd kunnen staan maar B wil wel graag weer naar binnen. Ik vind alles best dus we lopen terug. Als we het trappetje afgelopen zijn kijk ik naar de trap en wat is die mooi, een soort poort naar een andere wereld, midden tussen de natuur. B ziet niet al die mooie dingen die ik zie wat ik erg sneu vind. Heb ik gewoon zoveel geluk dat ik zo'n mooie verbeelding heb of heeft B opnieuw pech dat de truffels niet zoveel effect op hem hebben? Ik zeg hem dat hij de volgende keer misschien maar Hollandia moet proberen. We lopen de brug af en B heeft het erover dat truffels je extra nuchter maken. Ik had er nog nooit zo over nagedacht maar hij heeft gelijk, je wordt extra alert, je zintuigen verscherpen (al vermengen ze soms heel erg wat dingen juist weer lastig maakt), je leeft compleet in het moment en bent je veel bewuster van alles om je heen. Het is eigenlijk compleet anders dan met alcohol of vergelijkbaar 'verdovende' drugs. Ik vind het een mooi idee en krijg alleen maar meer respect voor truffels. Het uitzicht vanaf de brug. De derde foto van links is de scheidslijn tussen de natuur en beschaving. De meest rechtse foto is de trap, oftewel de 'poort naar een andere wereld' (foto's op een later moment genomen) 4. We lopen langs een boothuis. "Zijn er hier mensen?" vraagt B. Door de ramen brandt een lamp en we zien mensen zitten, ze lijken zo gefocust binnen de gewone wereld. Wat maf. Een stukje verder is er een beekje die aan twee kanten loopt. Aan de ene kant is het water helemaal groen van de algen, aan de andere kant is het water gewoon donker en zwemmen er eendjes. Aan beide zijden is het vrij dicht begroeid met bomen. B vindt het mooi en we stoppen even. Ik kijk naar het groene beekje en merk dat ik in een soort trance raak. De bomen gaan heen en weer, vooruit en achteruit en ik ga er helemaal in op. Ik merk dat ik zelf ook op en neer aan het deinen ben, ik ben onderdeel geworden van dit tafereel! Ik stel mijzelf voor dat ik mij diep in een bos bevind en één wordt met de natuur. Het is hier zo vol met harmonieus leven, de bomen en takken die rustig heen en weer gaan en zonder dat ik er controle over heb of er moeite voor moet doen heb ik het ritme zelf opgepakt en beweeg ik mee. Ik heb echt het idee dat ik in wonderland terecht gekomen ben, de omgeving hier is zo mooi en sprookjesachtig. Ik wil het beschrijven aan B en bedenk hoe lastig het is en hoe weinig woorden onze taal bevat om dit te doen. Er is zoveel moois hier en onze taal kan het niet beschrijven, de woorden zijn er simpelweg niet voor uitgevonden. Dat terwijl onze taal zoveel woorden kent. Wat een zonde dat onze taal zo beperkt is. B is nog steeds niet zwaar aan het trippen. Misschien dat dat gebeurt als we wat muziek op zetten, volgens hem is dat voor hem een goede manier om echt in de trip te komen en dus gaan we naar binnen. Het groene beekje met de omringende natuur (foto's op een later moment genomen) 5. B zet wat muziek op via YouTube en natuurlijk is er dan ook een video bij. Zoals altijd vind ik de video's super mooi en bijzonder, het waren muziekvideo's die ik zelf ook vaak opzet tijdens het trippen. Dan komt er een video die helemaal niet leuk is of bij de muziek past, over een man die verongelukt en in het ziekenhuis belandt. Waarom maken mensen zulke video's en combineren het dan met een leuk nummer? B snapt het ook niet maar reageert er niet zo sterk op als ik. Ik kijk de andere kant op en besluit maar op bed te gaan liggen en mijn ogen dicht te doen. Zou ik weer closed eyed visuals krijgen? Jazeker, en hoe! Ik zie vormen voor me, psychedelische vormen die zo typerend zijn voor psychedelische trips. In de tussentijd heb ik nu al een tijdje zoveel mooie filosofische gedachten die zo veel verder gaan dan ik ooit zou kunnen bedenken zonder truffels. Ik filosofeer echt als het ware van bovenaf, vanuit de omgeving, de wereld, het universum. Ik zelf sta niet meer centraal waardoor ik veel helderder en grootser na kan denken. Hierdoor verwerf ik weer een hoop nieuwe inzichten, met name over hoe mooi het leven, het bestaan is. Wanneer ik mijn ogen gesloten heb gaan deze gedachten nog even door, maar op een gegeven moment bereik ik een hele andere toestand. Ik lig bewegingloos op mijn rug op het bed en zie dus al die rare figuurtjes en vormen voor me met mijn ogen dicht. Het blijft niet alleen bij dingen zien, ik voel een innerlijke rust en vrede die ik zelden ervaren heb, behalve misschien in eerdere trips. De dingen die ik zie zou ik nooit zomaar bedenken, sowieso dat het door de truffels komt. De intelligentie achter de truffels, achter het bestaan en het universum, laten mij deze dingen zien, openen mijn ogen als het ware voor deze vorm van bestaan, voor hoe het 'echt' allemaal in elkaar zit. Ik laat me meevoeren door deze intelligentie, door deze wezens. Ik zie en hoor ze niet letterlijk maar op een telepathische manier communiceren ze toch met mij en ik vertrouw ze volledig. Ik weet dat het wezens zijn, meervoud, meerdere dingen die toch samen verbonden zijn en als het ware één grote gemeenschappelijke intelligentie delen. Mijn ego begint te verdwijnen, alle zorgen die ik mogelijk zou kunnen hebben lossen volledig op. Ik voel alleen nog maar diepe innerlijke vrede. De wezens willen mij nog dieper of hoger meevoeren en ik laat het toe. Ze zeggen dat ik moet ophouden met ademhalen, mijn lichaam regelt dat zelf wel, dit hoef ik niet te doen. Ik moet mij loskoppelen van mijn aardse lichaam en deze wezens achterna, uit mijn lichaam treden en naar boven vliegen. Er is een kleine aarzeling maar ik besluit om te doen wat ze van mij vragen, als ik merk dat ik doodga kan ik wel weer ingrijpen, toch? Ik stop met ademhalen en voel niks meer. Ik voel mijzelf niet ademen, mijn lichaam ligt compleet stil. Maar ik krijg geen zuurstof tekort, het is goed zo, adem ik nog steeds zonder dat ik het doorheb? Ik hoef het niet te controleren, ik weet dat de wezens gelijk hebben. Ik voel geen benauwdheid alleen de vrede, mijn lichaam moet er nog zijn en normaal functioneren denk ik, anders zou ook mijn bewustzijn afgebroken worden toch? Bovendien is B ook nog in mijn kamer, als ik stik zou hij iets opmerken en ingrijpen. Ik kan mijn lichaam nu echt achter mij laten en door de hogere sferen zweven, deze intelligente wezens achterna en hen compleet vertrouwen, zij wijzen mij de weg. 6. Dit is waarschijnlijk het mooiste wat ik ooit in mijn leven ervaren hebt en gaat een tijdje door waar ik niets meer te maken heb met mijn verstand, mijn persoonlijkheid, mijn identiteit, mijn ego. Ik ben niet meer, ik ben nu één met deze andere wezens en wij vibreren in deze psychedelische ruimte met allerlei gekleurde figuurtjes. Het is allemaal in beweging, in perfecte harmonie. Dit gaat even zo door en het voelt als een eeuwigheid, de tijd staat stil, tijd bestaat niet in deze wereld. Op een gegeven moment keren er toch weer elementen van mijn mind terug en bevind ik mij als het ware in twee werelden, mijn geest in deze wereld, mijn lichaam nog liggend op dit bed. B vraagt wat en ik geef antwoord en voel ergens een connectie met mijn lichaam, maar tegelijkertijd ben ik op een andere plek. Ik ben blij dat B verder niet veel praat en ik in deze andere wereld kan blijven. Nu er weer sporen van mijn gedachtes terug beginnen te komen kan ik weer heerlijk filosoferen in deze prachtige wereld in de nabijheid van deze alwetende wezentjes. Ik denk na over het bestaan, over de dood en over de mensen die ik liefheb. Bestaan is niet meer gereduceerd tot het mens-zijn, er is iets veel mooiers, grootser en krachtiger aan het werk. Een essentie, een immateriële substantie die ikzelf en de mensen om wie ik geef allemaal hebben (en alle wezens op aarde). Hoe mooi als die soms in het aardse bestaan doorschijnt. Ik denk aan mijn ouders en hoe zeer ik het waardeer dat ze zoveel voor mij gezorgd hebben en van mij houden. En mijn zusje van wie ik zoveel houd. En aan B en hoe fijn het is om dit mee te maken. Ik zie ze niet meer als mens maar als deze immateriële substantie, doorschijnend en vaag in de contouren van hun lichaam. Zij zouden dit ook mee moeten maken bedenk ik, maar voorlopig zie ik ze nog geen truffels doen en B is helemaal niet zo zwaar aan het trippen... Toch geeft het niet, want dit bestaan is eeuwig en is er altijd, overal om ons heen, of je nu aan het trippen bent of niet. Ik denk aan vrienden en vriendinnen om wie ik veel geef, zij verdienen het absoluut om ook deze schoonheid te ervaren. Ik krijg de opdracht mee om dit te laten weten aan zo veel mogelijk mensen, om zo de wereld te transformeren, er een plek van te maken waar deze perfecte vrede continu heerst, waarin alles één en verbonden is. Het leven is zo verschrikkelijk mooi, bestaan is zo mooi. Maar lang niet iedereen ziet dit in, zelfs ik die het leven al behoorlijk waardeerde wist al deze dingen niet vóór ik begon met truffels te nemen. Ik denk ook na over de dood en zie in dat dit helemaal niet is om bang voor te zijn. De dingen die ik hier ervaren heb zijn eeuwig, na mijn dood wordt ik net als deze wezens, klein maar oneindig intelligent en verbonden met miljarden andere wezentjes. Het zal heel anders zijn dan het materiële, menselijke, lichamelijke leven, wat ik vooral moet koesteren en zoveel mogelijk van mag genieten totdat het tijd is om te sterven, maar daarna is het tijd voor verandering en tijd om mij bij de oneindigheid en onsterfelijkheid van het heelal te voegen. Wanneer ik sterf doet er niet toe, maar ik voel wel dat ik nog een flink aantal jaren te leven heb. Ik zou nu dit moment kunnen sterven en het zou een prachtige dood zijn, maar het is mijn tijd nog niet, ik ben nog te jong en ik heb nog een rol te spelen in deze wereld. 7. Ik denk na over een aantal thema's die mij diep interesseren. Ik denk na over wat belangrijk is in het leven. Gelukkig zijn is een levensdoel voor veel mensen en voor mij is dit ook altijd zo geweest. Maar wat ik nu hier ervaar heeft niets met geluk te maken, althans niet met de standaard definitie van geluk. Dít is het mooiste dat er is en het is niet het geluk wat zoveel mensen nastreven. Dit is niet te bereiken in de gewone wereld en moet ook niet nagestreefd worden omdat het niet te bereiken is. Dit is alleen te bereiken met geestverruimende middelen en wat dat betreft is het alles wat ik nodig heb. Het enige wat ik van dit leven verlang is dit te mogen ervaren. Het enige waar ik mij dus druk om hoef te maken is het ervoor zorgen dat ik altijd in staat zal zijn truffels te nemen als ik hier behoefte aan heb. En lukt dit niet dan moet ik op de een of andere manier proberen dit te bewerkstelligen door diep in mijzelf op zoek te gaan naar deze prachtige wereld. En in principe maakt het dan totaal niet uit waar ik ben, ik hoef alleen maar mijn ogen te sluiten... Ik denk aan de bootvluchtelingen strijdend voor hun leven terwijl ik hier op dit bed lig in deze kamer met zoveel luxe, muziek van B op de achtergrond, heerlijk eten en drinken in grote getale. Het leven is niet eerlijk. Waar heb ik dit allemaal aan verdient? Maar ik bedenk mij dat ik gewoon geluk heb dat ik dit mooie nu kan zien doordat ik truffels genomen heb, dat de omstandigheden zo gelopen zijn dat ik hier in totale gelukzaligheid van kan genieten. Het is er altijd en overal al, alleen is het verborgen in ons dagelijks bestaan. Maar dit dagelijkse bestaan is vergankelijk en ooit zal er een metamorfose zijn, waarop ieder levend wezen, of in ieder geval zij die waardig zijn, die een goede ziel hebben, één zullen worden. 8. Geld interesseert mij niet langer, zolang ik maar truffels kan blijven nemen en dit kan blijven meemaken. En het liefst in een comfortabele setting zoals waar ik mij nu in bevindt. Een vrouw vinden om mijn leven mee te delen lijkt niet relevant meer, alles is diep vanbinnen één, in de enige wereld, deze andere dimensie, die er werkelijk toe doet. Maar in onze 'gewone' wereld zijn we verdeeld. Dit lijkt een onoverkoombaar probleem en proberen in deze imperfecte wereld één te worden lijkt dan ook een zinloze strijd, in zoverre dat ik niet teleurgesteld moet zijn als het niet lukt. Tijdens deze bewustwording denk ik niet zozeer meer in individuen maar meer aan het grote geheel. Als twee individuen zich samen zouden voegen zou het slechts een kleine druppel zijn, insignificant in het grotere plaatje. Een afleiding voor in het gewone leven. Ik probeer mij de voor mij ideale vrouw voor te stellen, de vrouw die met mij een eenheid zou vormen, samen zou smelten en bedenk mij dat zij niet bestaat! Zij bestaat waarschijnlijk niet in de 'echte' wereld, maar zij bestaat in ieder geval wel in deze andere wereld, deze wereld van mijn geest. Haar niet-bestaan betekent dat ik haar waarschijnlijk nooit zal vinden. Zelfs al zou ze ook in de 'echte' wereld bestaan en ik zou haar nooit ontmoeten, dan nog zouden onze 'zelf-en' één zijn in onze gedachten en uiteindelijk samensmelten. Het belangrijkste is deze prachtige wereld die ik nu ervaar in mijn gedachtes. De andere wereld is slechts een fysieke, incomplete afspiegeling en om die reden minder belangrijk. In deze andere wereld ben ik sterfelijk en is alles vergankelijk. Terwijl de wereld van de ziel eeuwig is. 9. Er is iets wat mij wilt laten doen ontwaken uit deze diepe wereld, maar ik weet niet wat het is. Ik weet het allemaal niet. Waarom? Wat moet ik dan doen? Eten? Drinken? Ik open mijn ogen en bevind mij weer in de aardse wereld, weer terug in mijn lichaam. Ik voel dat er iets is waarom ik weer terug moest, maar weet niet wat het is. Eten en drinken is het niet, dus ik besluit maar naar de wc te lopen. Ik voel totaal niet de behoefte maar misschien als ik daar eenmaal ben dat het vanzelf gaat. En dat gebeurt, zowel de eerste als de tweede boodschap. Dit is ook nogal een bizarre ervaring, maar het voelt goed om het kwijt te raken. Ik ga weer terug naar de kamer en ga weer liggen, nu in een andere positie en sluit weer mijn ogen en ga verder met mijn trip, al maak ik nu al weer een tijdje deel uit van mijn lichaam. Dit is zeer aangenaam maar niet meer zo ingrijpend als de ervaring bij punt 5.-8. 10. Op een gegeven moment ga ik naar de gang toe om weer naar de wc toe te lopen, maar eenmaal op de gang hoor ik een geluid. Ik sta stil en probeer mij te concentreren, het lijkt afkomstig van het einde van de gang. De gang telt 9 kamers en een gemeenschappelijke ruimte, maar dit weekend was er maar 1 andere bewoner thuis, een meisje waar ik ongeveer een half jaar terug gevoelens voor had ontwikkeld en in zekere zin ook geuit heb maar niet wederzijds waren, in ieder geval niet op romantisch gebied. Dit was toen prima en begreep ik ook wel, het was beter zo en mijn gevoelens op romantisch gebied hielden toen vrij snel op met bestaan. Ik bleef haar ontzettend inspirerend vinden en het super leuk vinden om met haar om te gaan, maar liefde-gevoelens bleven compleet uit. De dag voor de trip had ik nog leuk met haar gepraat en hebben we samen met een ander ganggenootje twee films gekeken. Erg gezellig en leuk allemaal maar de gevoelens voor liefde zijn nooit meer opnieuw opgedoken, het bleef altijd puur vriendschappelijk. Wel vind ik haar nog steeds ontzettend mooi en een leuke persoonlijkheid hebben, maar dan kan prima zonder verliefd te zijn. Maar goed, ik hoorde geluid vanuit haar kamer komen en had haar de hele dag nog niet gezien. Ik hoorde haar zingen en dit was zó ontzettend mooi. Ik was compleet betoverd en stond daar op de gang net mijn kamer verlaten te hebben. Ik werd er compleet stil van (als in dat ik als aan de grond genageld stond en alleen maar in staat was om te luisteren). Het was maar heel kort en ik wilde niet als een rare stalker daar blijven staan en luisteren naar alle geluiden die uit haar kamer kwamen en besloot maar om naar de wc en daarna terug naar mijn kamer te gaan. Ik was hier best wel heftig door geraakt en ik stelde mij haar voor, zingend. Zó mooi en onschuldig. Ik was het allemaal een beetje kwijt, vlak ervoor had ik nog geconcludeerd dat ik geen zielsverwant nodig had, dat aantrekking maar een afleidende bezigheid is. Maar ik kon dit niet afdoen als gewoon een mooi iets, er kwamen gevoelens van verlangen in mij op, verlangen om het leven te delen met een vrouwelijke ziel. Niet heel sterk, het waren kleine flarden, maar sterk genoeg om mijn trip en gemoedstoestand op te schudden. 11. De muziek van B begon mij te irriteren en ik had behoefte aan frisse lucht en natuur. Als ik alleen naar buiten zou gaan om na te denken over wat ik net mee had gemaakt en gevoeld heb zou ik mij weer beter voelen dacht ik. Ik pakte mijn mp3-speler waarop B zei dat ik wel andere muziek op zetten. Aardig aanbod, maar ik had mijn beslissing gemaakt en vertelde B dat ik even naar buiten zou gaan, deed mijn jas en schoenen aan (zonder de veters te strikken) en liep naar buiten. Dit voelde goed. Het regende en het was inmiddels donker, maar de regen stoorde mij niet. Sterker nog, ik voelde de regen niet eens, zelfs als ik er op focuste, terwijl ik wel kon zien dat alles om mij heen nat werd. Ik liep weer richting het gedeelte waar we aan het begin van de trip ook waren geweest. Bij een lantaarn stopte ik, de grond die verlicht werd was zo mooi. Bovendien kon ik nu mooi even mijn veters strikken. Ik liep weer verder en was even verbaast toen ik twee figuren zag in de schaduw. Maar dit was normaal en heb je nu eenmaal soms bij bepaalde lichtinval. Even verderop was het uitzicht prachtig, ik keek nu uit over het kanaal en de natuur er om heen was zoals gewoonlijk zo intrinsiek mooi. Er was geen mens in zicht en ik realiseerde mij dat ik er goed aan had gedaan even wat tijd voor mezelf te nemen en naar buiten te gaan. Dit moet ik vaker doen als ik aan het trippen ben, dacht ik, het kan prima. Ik zag een boom en verwonderde mij over hoe mooi deze was, die boomschors. Ik knuffelde de boom en het kon mij niets schelen als iemand mij zou zien. Ik ging hurken met mijn rug tegen de boom en vond een mooie steen. 'Wat zou zijn verhaal zijn?' dacht ik. 'Waar komt hij vandaan? Hoeveel jaar heeft hij al meegemaakt op deze aarde?'. Ik dacht aan de ijstijden en dacht dat de steen misschien daar ooit door verplaatst was. Dit leek zo'n rare plek voor zo'n steen, aangezien de rest van de omgeving uit gras, zand en kleinere steentjes bestond. Ik draaide de steen rond en zag dat er een klein insect op rond liep. Dit beestje wilde niet op mijn vingers en liep telkens over de steen rond. Ik voelde een liefde voor dit diertje in mij opkomen (niet romantisch natuurlijk) en dacht na over zijn bestaan en wat er in hem om zou gaan, hoe hij de wereld zou zien en ervaren. Ik had het leuk gevonden als hij over mijn huid zou lopen maar dit wilde hij niet en dus besloot ik hem maar met rust te laten en wilde ik de steen terugleggen. Toen zag ik dat er een tweede, donkerder en iets groter beestje op de steen aanwezig was die opeens vanuit de schaduw tevoorschijn kwam. Dit vond ik een beetje eng, zou hij het kleinere beestje iets aan willen doen? Maar er gebeurde niets dus het zou vast goed komen. Ik legde de steen terug en besloot maar weer terug naar mijn kamer te lopen. 12. Vlak voor de ingang van het gebouw bedacht ik mij dat ik toch best wel een softie ben. Dat ik natuurlijk niet geschikt ben voor de vrouwen op wie ik ooit verliefd ben geweest, dat zij allemaal een sterker, knapper, mannelijker en volwassener iemand willen, dit begreep ik volkomen. Of in ieder geval niet mij, wat zou iemand met mij moeten als partner? Maar ik verweet mijzelf niets, dat type man ben ik nou eenmaal niet en ik voelde mij trots op wie ik wél was. Ik kan al deze mooie dingen beleven en zien. En blijkbaar is een groot gedeelte puur persoonlijk en is het echt mijn eigen verbeelding en mind die dit allemaal mogelijk maakt, vooral ook aangezien B zulke andere belevingen heeft en de dingen die ik meemaak heel sterk gerelateerd zijn aan mijn persoonlijkheid en gedachtes die ik normaal gesproken al heb. Al het moois dat ik tijdens trips zie zijn projecties van mijzelf, het zit allemaal binnen mijn eigen hoofd. Wauw. Wat een mooi bestaan heb ik binnen mijn hoofd gecreëerd en wat is mijn fantasie toch mooi. Ik voelde duidelijk dat ik veel liever dit allemaal ervaar dan dat ik in het 'normale' leven een partner zou vinden. Natuurlijk zal ook dat leuk zijn, maar niets kan tippen aan wat ik tijdens mijn trips meemaak, dit is pure fantasie, alles dat niet mogelijk is in de gewone wereld wordt binnen een trip mogelijk. Een levenspartner vinden en gelukkig worden met hem of haar is vreselijk 'gewoon' vergeleken met al het moois dat ik in mijn trips tegenkom. Dit kleine tripje naar buiten had mij weer volkomen genezen van de melancholie die ik voelde na het prachtige zingen van mijn lieve ganggenootje. Voordat ik daadwerkelijk weer naar binnen ging zag ik een natgeregende krant liggen. Ik pakte deze op, ik vond het zo zielig voor deze krant dat het hier zo lag als oud vuil. Ik besloot om de krant naar het oud papier te brengen, waar het zou kunnen worden gerecycled en het een nieuw leven zal krijgen, een metamorfose zal ondergaan. Mijn empathie strekt zich dus niet alleen tot levende wezens, maar naar alles, elk object. Dit heb ik ook al in mijn gewone leven ervaren, vóórdat ik met truffels begon. Ook dit maakt mij weer tot wie ik ben. En ik ben liever dit, dan iemand die zonder problemen elke vrouw zou kunnen krijgen waar hij naar verlangt bedacht ik mij. 13. Eenmaal terug in de kamer duurde het niet lang voor ik weer behoefte had om de kamer te verlaten, weg van de muziek die B op had staan. Ik besloot om alvast wat troep op te ruimen en af te wassen. Terwijl ik aan het afwassen was hoorde ik muziek, maar het was heel mooie muziek. Dit kon toch niet de muziek van B zijn? Maar ik hoorde maar één soort muziek en mijn kamer is een stuk dichter bij dan het einde van de gang. Ik besloot om de gang in te lopen en te luisteren naar de muziek. Tot mijn verbazing hoorde ik geen geluid mijn kamer uitkomen en kwam de muziek opnieuw uit de kamer van mijn ganggenootje. En wat een prachtige muziek was het. Het was een piano-spel, een stuk dat ik nooit eerder in mijn leven gehoord heb. Ik genoot van het moment en van wat ik hoorde maar opnieuw wilde ik niet weer te lang staan luisteren, ik hoorde geluiden van lopend water en bedacht mij dat ze waarschijnlijk aan het douchen was. Om dan intens goed te luisteren vond ik nogal ongepast. Ik zou haar een andere keer wel vragen naar het nummer dat ze op had staan, als ze het nog zou kunnen herinneren. En anders maar niet, het feit dat ik het net gehoord had was al ontzettend mooi en hoewel ik niet meer kan herinneren hoe het nummer precies ging kan ik mij nog wel mijn gevoel van dat moment herinneren. 14. Terug in de kamer keek ik op de klok, er waren vier uur voorbijgegaan. Zonder twijfel de meest gebeurtenisrijke en intense vier uur van mijn leven, maar ergens was ik een klein beetje teleurgesteld. Ik had nu zoveel meegemaakt dat de trip van mij ook wel ten einde mocht komen en ik had het verlangen om weer terug te keren naar de gewone wereld om weer heerlijk te kunnen reflecteren op deze trip. Mijn trips duren vaak langer dan vier uur en ik zag niet helemaal in hoe ik de trip nog kon toppen, zeker niet zo'n twee uur lang. Het kon alleen maar bergafwaarts gaan, ik was al een tijd over mijn hoogtepunt heen. Maar het duurde niet lang of ik kreeg door dat mijn trip eigenlijk zo goed als ten einde was gekomen. B was helemaal niet meer aan het trippen en ik zag nog wel vervormingen maar voelde mij verder volledig nuchter. Toen mijn trip daadwerkelijk voorbij was vond ik het jammer dat deze voorbij was, ik had eigenlijk nog wel langer door gewild. Maar goed, een volgende keer weer, ik mocht niet klagen, deze trip heeft al mijn verwachtingen overtroffen. Ik heb het tripreport de dag na de trip geschreven omdat ik zoveel mogelijk details wilde bewaren. Ik kan dus nog niet heel veel zeggen over hoe de trip mijn leven beïnvloed heeft, wel heb ik vandaag meegemaakt dat ik nog veel meer als normaal overal de schoonheid van inzie. Maar dat heeft niet specifiek met deze trip te maken, het is meer een gevolg van het steeds meer doorbrengen in de tripwereld. Wel kan ik alvast een paar conclusies uit de trip trekken: blijkbaar is het heel persoonlijk en heel willekeurig wat er in een trip gebeurt. De laatste tijd neigde ik er erg naar dat er zoiets zou zijn als een universele trip-waarheid, maar dit lijkt toch wel sterk persoonsgebonden en per trip verschillend, ook al zijn er grote lijnen die ik terugzie in zowel mijn eigen trips als reports die ik van anderen lees. Ten tweede dat de heftigheid heel sterk kan verschillen, ook al verschilt de setting, mindset, dosis en truffelsoort niet of niet bijzonder veel. Deze trip zou ik toch zeker wel als level 4 classificeren, terwijl vorige week level 2 geweest zal zijn. De resistentie lijkt dus ook niet heel sterk te zijn, althans niet na ongeveer een week. Het was erg fijn om B er weer bij te hebben, hierdoor voelde ik mij een stuk veiliger en kon ik mij compleet overgeven bij punt 5. en durfde ik naar buiten te gaan, iets wat ik tot nu toe nooit gedurfd heb als ik alleen tripte. Ik voelde mij ook beter op mijn gemak dan wanneer ik alleen trip, waar er op een gegeven moment toch wel een twijfel of enigszins negatieve gedachte tevoorschijn komt. Ook al is dit vaak maar kort van duur en niet bepaald sterk of schadelijk, toch is het fijner om nagenoeg constant in een flow van positieve gevoelens te zitten en niet af en toe afgeleid te worden door kleine irritaties die de trip in een minder leuke richting duwen. Misschien heeft dit ook te maken met dat ik er meer ervaring mee krijg, maar ik weet zeker dat de aanwezigheid van B hier ook een rol in heeft gespeeld. Jammer dat hij niet de trip heeft gekregen die hij wilde, hopelijk een volgende keer.